Osteopathie: De 5 meest voorkomende klachten

Wat zijn de 5 meest voorkomende klachten bij je paard die een osteopaat makkelijk kan behandelen? En hoe kan je ze herkennen?

Paardenosteopaat en actief springruiter Jelle Hoorens geeft ons graag meer uitleg!

  1. Rugpijn
    Bovenaan het lijstje toch wel de absolute nummer 1. Veel bereden paarden krijgen rugpijn op een bepaald moment in hun carrière.De meest voorkomende oorzaken zijn overbelasting, verkeerde belasting, maar ook verzuurde spieren, verrekkingen of blokkades kunnen aan de basis hiervan liggen aangezien het paard uiteindelijk een atleet blijft.

    Hoe herken ik het?
    Je kan rugpijn herkennen door zelf de rug van het paard te palperen. Dit betekent dat je lichtje over de huid zal voelen. Zet lichte druk op de paardenrug zo’n 10 cm parallel met de wervelkolom. Begin net achter het schouderblad vanaf de schoft tot aan het bekken.
    Indien je hier een heftige, gestresseerde of overgevoelige reactie op krijgt scheelt er iets.

  2. Problemen met zijdelings buigen
    Vele ruiters contacteren me wanneer een paard zich sterk maakt op een zijde of als ze helemaal niet willen buigen. Mijn advies is om de paarden zeker niet te proberen forceren in de gewenste buiging. Als er namelijk een blokkade is, kan het paard gewoonweg niet buigen en kan schade berokkend worden in de mond door het bit.

    Hoe herken ik het?
    Probeer zelf eens met een wortel of koekje de neus van het paard de schouder te laten raken. Als het paard hierbij zijn hoofd scheef houdt, of het lukt niet, kan je uitgaan van een blokkade. Wanneer dit vlot gaat, probeer dan zo ver mogelijk richting achterknie te gaan met de neus van het paard. Een lenig paard kan zonder problemen de knie raken. Als ze niet veel verder geraken als de schouder, kan er een blokkade zijn in het CTO-gebied ofwel het gebied van hals naar rug.
    Het is ook mogelijk dat er uitstralingspijn afkomstig uit de rug of bekken is i.p.v. een cervicale blokkade.

 

  1. Stijfheid
    Dit is meestal een acuut probleem, maar kan ook chronisch zijn. Deze klacht kan veel symptomen hebben, maar het komt steeds neer op hetzelfde: verzuring.
    Een belangrijke factor waar de ruiter rekening mee moet houden is met het ‘spiermanagement’. Overhaast je opwarming niet en neem ook de tijd om het paard uit te draven en uit te stappen na een intensieve work-out. Zorg ervoor dat het paard na de inspanning de nodige verkoeling krijgt aan de spieren en pezen, zo worden letsels te vermeden.
    Tweede belangrijke factor is het voermanagement. Geef je paard bijvoorbeeld na hevig zweten elektrolyten om de mineralen en zouten terug op peil te brengen. Wanneer een paard de reserves uit de spieren moet halen zorgt dit namelijk voor verzuring. Ook vitamine E en magnesium zorgen ervoor dat de spieren hun reserves kunnen opbouwen en deze energie kunnen blijven leveren.

    Hoe herken ik het?
    Stijfheid merk je al snel als je het paard van stal haalt of je er bepaalde oefeningen mee wil doen.
    De wandelgang of oefening zal minder vloeiend verlopen dan je gewend bent. Je kan dit gewoon vergelijken met je eigen spierstijfheid.
    Afhankelijk van de graad van verzuring kan een osteopaat verlichting bieden door na te gaan of de verzuring niet wordt mede-veroorzaakt door een wervelblokkade. Verzuring die wordt veroorzaakt door overbelasting kan verholpen worden d.m.v. rust, paardenmassage therapeut, en dry-needling.

 

  1. Blokkade aan de lendenen.
    Sacro-iliacaal (SI) gewrichtspijn leidt vaak tot bekkenproblemen en omgekeerd, aangezien het SI- gewricht zich situeert aan de achterkant van het bekken en articuleert met enerzijds het heiligbeen en anderzijds de beenderen van het ilium (deel van heup).

    Hoe herken ik het?
    Je herkent dit wanneer bij palpatie de rug doorzakt achter het zadel en ter hoogte van het bekken als het paard trilt op de achterbenen. Het paard heeft hierbij problemen met galopwissels, impulsverlies, verminderde kracht bij afzet en landing, springt schuin, gaat op voorhand hangen om achterhand te ontlasten, … Deze klachten kunnen na een of meerdere osteopatische behandelingen verdwijnen.

 

  1. Het paard voelt niet meer hetzelfde.
    Een osteopaat is ook een soort onderzoeker en gaat een anamnese of onderzoekschema opstellen door vragen te stellen over het paard en de training om zo alles in kaart te brengen. De klacht is niet altijd een resultaat van het probleem. Soms zal een osteopaat doorverwijzen naar een dierenarts of andere therapeut. Veel gedragsproblemen kunnen opgelost worden door correcte begeleiding en training. De osteopaat zoekt de oorzaak van een bepaalde klacht en zal advies geven over welke therapie het best zal zijn wanneer osteopathie onvoldoende is. Osteopathie is geen ‘quick fix’, het gaat om behandelen door de oorzaak te zoeken i.p.v. symptoombestrijding.
    Osteopaat Jelle Hoorens raadt sterk aan voor professionele ruiters om hun paarden 3-maandelijkse check-ups te laten ondergaan en hobbyruiters elke 6 maanden tot jaarlijks.

 

Heb je meer vragen of wil je meer weten over de behandelingen die osteopaat Jelle Hoorens aanbiedt, klik dan zeker door naar www.paardenosteopaat.be